Ius mentis Homepage | Categorieën | Lijst A-Z | Willekeurig artikel | Herpubliceren? | Over deze site | Blog | Contact
 

Het kiezen van een software-licentie

Wie een computerprogramma schrijft, heeft automatisch het auteursrecht daarop. Hiermee kan de auteur controle uitoefenen over het kopi&reuml;ren, gebruiken, en aanpassen van zijn computerprogramma. Om software beschikbaar te stellen aan derden, moet de auteur in een licentie toestemming geven voor bepaalde handelingen, zodat derden het programma kunnen gebruiken. Afhankelijk van de wensen van de auteur kan hij uit diverse standaardlicenties kiezen.

Inhoudsopgave

Voorbehouden handelingen

Het auteursrecht geeft de maker van een werk het recht om het kopi&reuml;ren en openbaar maken van het werk te verbieden. Ook het verspreiden van gewijzigde versies is niet toegestaan zonder toestemming van de oorspronkelijke auteur. Er is dan sprake van een "afgeleid werk". Het gebruik van een computerprogramma vereist het kopiëren van het programma van een harde schijf naar het werkgeheugen. De auteur heeft dus de mogelijkheid om ook het gebruik an zijn programma te controleren.

Vaak wil de auteur echter juist dat de software door derden wordt gebruikt of wordt verspreid. Dit zal vaak tegen betaling zijn, maar dat hoeft niet altijd. De toestemming die de auteur dan geeft, in combinatie met de voorwaarden waaronder die toestemming wordt gegeven, heet een licentie op het werk. Zo'n licentie kan specifiek voor een bepaalde afnemer worden geschreven (dit is vaak het geval met maatwerk applicaties voor het bedrijfsleven), maar zij kan ook algemeen geformuleerd zijn (zoals met de meeste standaardsoftware die winkels wordt verkocht of op Internet gedownload kan worden).

Wie dus zijn zelfgeschreven computerprogramma wil gaan verkopen, doet er goed aan de juiste licentievoorwaarden op te stellen. Maar dit geldt net zo goed voor mensen die hun zelfgeschreven software gratis willen verspreiden, bijvoorbeeld door het op hun Website te plaatsen. Ook bij gratis verspreide software is het auteursrecht van toepassing, en moet de ontvanger van een programma toestemming hebben voor het uitvoeren en verder verspreiden ervan. De auteur kan kiezen uit twee mogelijkheden: hij kiest een standaardlicentie, of hij schrijft zelf een licentie.

Standaardlicenties

Veel software wordt momenteel verspreid onder standaardlicenties. Het grote voordeel van een standaardlicentie gebruiken is dat iedereen direct weet wat wel en niet toegestaan is onder deze licentie, en dat de formuleringen in de standaardlicentie (waarschijnlijk) juridisch waterdicht zijn. Bovendien hoeft de auteur geen tijd en moeite steken in het opstellen van licentievoorwaarden. Een mogelijk nadeel is dat de voorwaarden uit zo'n standaardlicentie niet altijd precies zijn wat de auteur wil.

De GNU General Public License

De GPL is waarschijnlijk de bekendste standaard software licentie, en tevens een van de eerste standaardlicenties. Software die onder de GPL verspreid wordt, mag door iedereen worden gebruikt, voor commerci´┐Żle en niet commerci´┐Żle toepassingen, en mag ook zonder restricties verder worden verspreid. Wel is het verplicht om bij verder verspreiden ook de broncode mee te verspreiden. Het bijzondere aan de GPL is de restrictie op het verwerken van andermans software in je eigen programma's. Dit is toegestaan, mits het eigen programma vervolgens ook onder de GPL wordt gelicentieerd.

Volgens sommigen is de GPL hiermee een "licentievirus": het verwerken van code onder de GPL in een nieuw programma "infecteert" het nieuwe programma met de licentievoorwaarden van de GPL. Dit was echter een van de bedoelingen van de opsteller van de GPL, Richard Stallman. Mensen die software onder de GPL willen gebruiken, moeten nu, als ze hun gewijzigde versie verspreiden, ook de broncode aanbieden. Hiermee komen de wijzigingen ook weer beschikbaar voor de maatschappij, waardoor deze ervan kan profiteren. Het uitbrengen van software met "geheime" wijzigingen is dus niet langer mogelijk.

Voorbeelden van software die onder de GPL verspreid worden zijn het besturingssysteem Linux, de MySQL database manager, de GCC compiler, de EMACS-editor en honderden andere programma's.

De BSD licentie

De BSD licentie is een van de kortste standaard software-licenties die er bestaan. De enige eis die aan gebruikers wordt opgelegd, is dat ze de naam van de auteur moeten vermelden als ze de software in hun eigen producten verwerken. Verder is alle gebruik, en alle vormen van verder verspreiden, zonder meer toegestaan. Dit maakt de licentie vooral geschikt voor mensen die hun software graag door veel mensen gebruikt zien worden, en er geen problemen mee hebben dat anderen er geld mee kunnen verdienen.Onder andere de besturingssystemen FreeBSD en OpenBSD en de populaire webserver Apache worden onder deze licentie verspreid.

Een vergelijkbare licentie is de MIT licentie, die enkel vereist dat een verklaring wordt opgenomen waarin alle aansprakelijkheid van de auteur voor schade, in welke vorm dan ook, wordt afgewezen.

De Artistic License

Een andere populaire licentie is de Artistic License. Software die onder deze licentie valt, mag zonder verdere restricties worden gebruikt en verder worden verspreid. Wijzigingen aanbrengen aan de software is ook toegestaan, maar gewijzigde versies mogen alleen verder worden verspreid als de wijzigingen vrij beschikbaar worden gesteld voor iedereen. Ook is het niet toegestaan om andermans software onder de Artistic License te verkopen, iets wat met de meeste andere standaardlicenties wel is toegestaan.Het bekendste voorbeeld van software die onder de Artistic License wordt verspreid is natuurlijk de Perl-interpreter, waarmee Perl-scripts worden uitgevoerd.

Publiek domein

Alhoewel dit niet echt een licentie is, wordt er toch veel software verspreid als "publiek domein". Publiek domein wil zeggen dat er geen enkel auteursrecht op de software rust, en dat iedereen de software dus mag gebruiken, verspreiden, aanpassen en in gewijzigde vorm verspreiden. Het is zelfs niet verplicht om er bij te vermelden wie de oorspronkelijke auteur is. Wie dus zijn software in het publiek domein plaatst, is daarmee alle controle over de software kwijt. Voordeel is wel dat iedereen nu over de software kan beschikken zonder welke restrictie dan ook.

De meeste Europese landen kennen naast de kopieer- en verspreidingsrechten ook de zogeheten "morele rechten", zoals het recht op naamsvermelding of het recht zich te verzetten tegen verminking van het werk. Van deze morele rechten kan vaak geen of slechts beperkt afstand worden gedaan. Zo kan in Nederland de auteur geen afstand doen van het recht zich te verzetten tegen aanpassingen van het werk die nadeel kunnen toebrengen aan de eer of goede naam van de auteur (artikel 25 Auteurswet lid 1 onder d). Het is dus, strikt genomen, niet mogelijk voor een Nederlandse auteur om zijn werk in het publiek domein te plaatsen, alhoewel in de praktijk deze kleine uitzondering weinig uit zal maken.

Zelf een licentie schrijven

Het is natuurlijk mogelijk om zelf een licentie te schrijven. Bij het opstellen van een eigen licentie is het echter vaak lastig alle mogelijke situaties te voorzien waarin anderen het programma willen gaan gebruiken en/of verspreiden. Om er een paar te noemen: mag iemand bijvoorbeeld het programma op een CD-ROM zetten en verkopen? Maakt het daarbij uit of die CD-ROM een verzameling software bevat of alleen dat programma? Mogen gewijzigde versies dezelfde naam dragen?

Ook valt het vaak niet mee om de rechten en plichten van gebruikers in juridisch sluitende formuleringen vast te leggen. Een voorwaarde als "Het is toegestaan dit programma op alle manieren te gebruiken, te wijzigen en te verspreiden" geeft bijvoorbeeld geen toestemming om gewijzigde versies te verspreiden, terwijl dat waarschijnlijk wel de bedoeling was. Tenzij een auteur bereid is de nodige tijd en moeite te steken in het opstellen en redigeren van een eigen licentie, is het ten sterkste aan te bevelen gebruik te maken van een standaardlicentie.

Gerelateerde artikelen

Gespecialiseerd advies nodig?

Heeft u na het lezen van dit artikel nog vragen, of zit u met een juridisch probleem waar u advies over wilt? Neem dan contact op met ICT-jurist Arnoud Engelfriet, auteur van dit artikel.

© Arnoud Engelfriet. Dit werk mag vrij worden verspreid en gepubliceerd zoals bepaald in de licentievoorwaarden.

Laatste wijziging:
16 december 2016