Ius mentis Homepage | Categorieën | Lijst A-Z | Willekeurig artikel | Herpubliceren? | Over deze site | Blog | Contact
 

Spoedcursus octrooien: Vereisten voor octrooieerbaarheid

Wanneer een uitvinding in een acceptabel vakgebied gedaan is, dan moet hij voldoen aan een aantal inhoudelijke eisen alvorens een octrooi verleend wordt. Er zijn drie belangrijke eisen: de uitvinding moet nieuw zijn, de uitvinding moet berusten op uitvinderswerkzaamheid, en de uitvinding moet industrieel toepasbaar zijn. Bij het bepalen van de nieuwheid en de inventiviteit van uitvinding wordt alleen gekeken naar informatie die beschikbaar was voor de dag van indiening van de aanvraag (of de prioriteitsaanvraag, als die er is). Deze informatie heet de "stand der techniek" of ook wel "de prior art".

Inhoudsopgave

Nieuwheid

De eerste eis aan een uitvinding is dat deze absoluut nieuw is. Dat wil zeggen, de uitvinding mag niet voor het publiek beschikbaar zijn geweest voor de indieningsdatum van de octrooiaanvraag, en mag ook niet beschreven zijn in enige publicatie van voor die datum (zie When is something prior art against a patent? (Engelstalig)). Een aantal landen, met name de Verenigde Staten, hebben een zogeheten gratie-periode ("grace period"). Publicaties gedaan door de uitvinder gedurende deze periode (meestal tot uiterlijk een jaar voor de indieningsdatum van de aanvraag) tellen niet mee bij de beoordeling van de nieuwheid van de uitvinding.

De eis van nieuwheid is streng: de hele uitvinding moet beschreven zijn in een enkel document, anders is de uitvinding nieuw. Het klassieke voorbeeld is een uitvinding waarin iets met behulp van een spijker aan de muur verbonden is, en de stand der techniek beschrijft precies dezelfde uitvinding, alleen wordt dan gebruik gemaakt van een schroef. De uitvinding is dan nieuw ten opzichte van de stand der techniek, hoe triviaal het ook moge zijn om spijkers in plaats van schroeven te gebruiken.

In sommige gevallen luistert het bepalen van de nieuwheid zeer nauw. Stel, een publicatie beschrijft een chemisch proces waarbij tussen 5 en 15 procent van een specifieke stof gebruikt wordt. De uitvinding berust op het gebruik van exact 10 procent van die stof. De uitvinding is nu nieuw, omdat de waarde van 10 procent niet expliciet genoemd is in die publicatie. Ging het nu bij de uitvinding om een specifiek gebruik van 15 procent van de stof, dan was de uitvinding niet nieuw geweest.

Natuurlijk weet iedere vakman dat je een spijker kunt vervangen door een schroef, of dat je 10 procent kunt gebruiken als tussen de 5 en 15 procent aanbevolen wordt. Dit is echter een kwestie voor de beoordeling van de mate van uitvinderswerkzaamheid, en deze moet apart behandeld worden.In sommige gevallen kan het onderscheid erg belangrijk zijn.

Wie een uitvinding wil delen met een ander (bv. een ontwerper die een prototype moet bouwen) zonder de nieuwheid in gevaar te brengen, moet deze een geheimhoudingsovereenkomst (NDA) laten tekenen.

Uitvinderswerkzaamheid

Zelfs wanneer een uitvinding strikt gesproken nieuw blijkt te zijn, dan betekent dat niet automatisch dat hij octrooieerbaar is. Als de uitvinding voor de vakman voor de hand ligt, dan zal de aanvraag alsnog geweigerd worden. De term "voor de hand liggen" is een juridische vakterm, en wordt niet noodzakelijkerwijs in dezelfde betekenis gebruikt als die uit het woordenboek. De bepaling of iets voor de vakman voor de hand ligt verschilt ook nog eens van land tot land.

Algemeen gesproken ligt een maatregel voor de hand als kan worden aangetoond dat de prior art een suggestie of hint bevat om die maatregel toe te passen in dezelfde situatie als waarin deze bij de uitvinding is toegepast. Het is echter niet toegestaan om met kennis achteraf naar de uitvinding toe te redeneren ("hindsight"). Vaak is iets een uitvinding vanwege een verrassend gebruik van een bepaalde, op zichzelf bekende maatregel. Achteraf gezien is het dan vaak bijzonder logisch om die maatregel op die manier toe te passen, en daarmee lijkt de uitvinding dan voor de hand te hebben gelegen. Echter, als iets pas voor de hand ligt nadat de uitvinder het de wereld verteld heeft, dan is het nog steeds een uitvinding.

Iets ligt bijvoorbeeld voor de hand wanneer het bekend is uit een handboek, of wanneer een artikel met de ene helft van de uitvinding expliciet verwijst naar een ander artikel met de andere helft van de uitvinding. Het enkele feit dat iets op zich bekend is is echter in het algemeen niet voldoende om dat iets als voor de hand liggend aan te merken. Er moet worden aangetoond dat de gemiddelde vakman een reden had om naar die maatregel begrijpen en hem toe te passen in de situatie van de uitvinding.

Het Europees Octrooibureau hanteert een striktere interpretatie van deze eis, en gebruikt de term "inventieve bijdrage" ("inventive step") om dit duidelijk te maken. Een uitvinding is inventief als het een oplossing biedt voor een probleem in de techniek, welke oplossing niet voor de vakman voor de hand lag. Als een dergelijk probleem niet kan worden gevonden, dan is de uitvinding niet inventief, ook als de combinatie van maatregelen niet voor de hand lag. Hoe dit in de praktijk werkt, is uitgebreider beschreven in Wanneer ligt een uitvinding voor de hand?.

Deze eis voor een inventieve bijdrage staat ook vermeld in het Octrooisamenwerkingsverdrag (Patent Cooperation Treaty, PCT), maar in een voetnoot wordt gesteld dat deze term ook mag worden gelezen als gewoon "niet voor de hand liggend".

Industrieel toepasbaar

De derde eis voor octrooibescherming, namelijk dat de uitvinding industrieel toepasbaar moet zijn, is voornamelijk bedoeld om onderscheid te maken tussen esthetische en wetenschappelijke uitvindingen. De term "industrie" moet breed worden uitgelegd, de landbouw valt er ook onder. Werkwijzen voor medische of therapeutische behandeling van het menselijk of dierlijk lichaam, zoals chirurgische ingrepen, vallen er echter niet onder. Perpetuum mobiles voldoen per definitie ook niet aan deze eis.

De octrooiwet in de Verenigde Staten stelt naast de eisen van nieuwheid en uitvinderswerkzaamheid ook de eis van praktisch nut ("utility") aan een uitvinding. Deze term wordt echter in de praktijk grofweg hetzelfde uitgelegd als industri´┐Żle toepasbaarheid. Internationale verdragen gebruiken "praktisch nut" en "industrieel toepasbaar) vaak door elkaar.

Alle delen van deze spoedcursus

Gerelateerde artikelen

Gespecialiseerd advies nodig?

Heeft u na het lezen van dit artikel nog vragen, of zit u met een juridisch probleem waar u advies over wilt? Neem dan contact op met ICT-jurist Arnoud Engelfriet, auteur van dit artikel.

© Arnoud Engelfriet. Dit werk mag vrij worden verspreid en gepubliceerd zoals bepaald in de licentievoorwaarden.

Laatste wijziging:
16 december 2016