Ius mentis Homepage | Categorieën | Lijst A-Z | Willekeurig artikel | Herpubliceren? | Over deze site | Blog | Contact
 

Verwijdering uit online archieven

Steeds meer kranten en tijdschriften zetten hun archieven online. Daarmee zijn artikelen eenvoudig terug te vinden, en zo dus ook de informatie over mensen daarin. Ook de exploitatie van een archief valt onder de (journalistieke) vrije meningsuiting, maar er kan nu wel een botsing ontstaan tussen de persvrijheid en de privacy van die personen. Het noemen van iemands naam of andere persoonlijke gegevens valt immers onder de privacywet.

In het algemeen kan echter niet worden geëist dat een bericht wordt verwijderd uit een archief. Het opschonen of weghalen van berichten uit een archief tast de kwaliteit daarvan aan, en het geheugen van de pers wordt gezien als zó belangrijk dat ze eigenlijk altijd intact moeten blijven. Een rectificatie bij het artikel plaatsen kan soms wel.

Inhoudsopgave

Uitingsvrijheid versus privacy

Informatie over een persoon valt onder de privacywet, maar ook onder de vrijheid van meningsuiting. Daarmee ontstaat een botsing tussen twee fundamentele rechten. Hoe die botsing uitvalt, hangt elke keer af van de specifieke omstandigheden.

Publicatie van informatie - op internet of offline - valt onder de vrijheid van meningsuiting. Echter, zodra daar persoonlijke informatie over iemand instaat, al is het maar een naam, valt die publicatie óók onder de privacywetgeving. Op grond van de Wet Bescherming Persoonsgegevens kan die persoon in principe eisen dat die informatie wordt verwijderd of geanonimiseerd. Dat botst echter met de vrijheid van meningsuiting, die zegt dat je gerust dingen mag zeggen over personen.

Een journalist moet volgens de Wet Bescherming Persoonsgegevens een gerechtvaardigd belang hebben dat noodzaakt dat men deze persoonlijke informatie publiceert én daarbij de privacy van die persoon schendt. In de praktijk komt dat neer op een belangenafweging: wat weegt zwaarder, de vrijheid van meningsuiting of de privacy? En daarbij gelden geen harde regels, maar moet je elke keer naar de feiten en omstandigheden van het geval kijken. Het is dus heel moeilijk een algemene vuistregel te formuleren.

De privacywet (Wet Bescherming Persoonsgegevens) geldt voor journalistieke "verwerkingen" net zo hard als voor gewone verwerkingen. Er staat weliswaar een uitzondering (artikel 3) in de wet, maar die uitzondering is maar beperkt. Het belangrijkste is dat artikel 8 Wbp gewoon van kracht blijft, en juist daar staat dat er voor publicatie van namen of andere persoonlijke gegevens in principe toestemming nodig is. Dit blijkt ook uit de Richtsnoeren persoonsgegevens op internet van het College Bescherming Persoonsgegevens (pagina 33). In 2008 werd op grond van artikel 8 Wbp een artikel verboden op een website.

Het geheugen van kranten

Archieven worden wel het "geheugen" van de media genoemd. Deze zijn erg belangrijk voor de maatschappij: het kunnen teruglezen van oud nieuws is vitaal. Daarmee is verwijdering van persoonsgegevens uit archieven in principe niet mogelijk.

De samenleving moet kunnen vertrouwen op de integriteit van archieven met nieuws. Dit is immers één van de belangrijkste bronnen om (recente) geschiedenis te kunnen achterhalen. Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens ziet het belang van archieven dan ook als een wezenlijk onderdeel van de "publieke waakhond"-functie van de pers. In een arrest uit 2009 oordeelde zij dan ook:

[the press] has a valuable secondary role in maintaining and making available to the public archives containing news which has previously been reported. ... [however] the duty of the press to act in accordance with the principles of responsible journalism by ensuring the accuracy of historical, rather than perishable, information published is likely to be more stringent in the absence of any urgency in publishing the material

Het "geheugen van kranten" is daarmee in principe belangrijker dan de eventuele nadelige gevolgen die een persoon kan ondervinden van een oud artikel dat via zoekmachines continu zichtbaar blijft. Meer over dit onderwerp in het juridisch artikel Het ijzeren geheugen van internet door Wouter Hins.

Eisen tot verwijdering in de rechtspraak

In diverse rechtszaken is geprobeerd artikelen te verwijderen uit online archieven. Dat lukte echter eigenlijk nooit wanneer de artikelen op zichzelf rechtmatig waren. Niet langer achter een mening staan of achteraf last krijgen van een publicatie, is geen reden voor verwijdering.

Geen verplichting tot verwijdering

Rechters in Nederland blijken zeer terughoudend om te bevelen dat artikelen uit archieven worden weggehaald, vanwege de hierboven aangehaalde belangrijke rol die archieven spelen in onze samenleving. Zoals de rechtbank Amsterdam het in 2010 formuleerde:

Daarmee is een verplichting tot het verwijderen van artikelen, die op zichzelf rechtmatig zijn, uitsluitend vanwege een negatieve lading, niet goed te verenigen. De archivering zou dan geen betrouwbare getuigenis van het verleden meer vormen.

De Raad van State oordeelde eind 2010 dat een interview niet hoefde te worden verwijderd uit het archief, omdat de geïnterviewde destijds had ingestemd en nu geen zódanig zwaar belang had dat verwijdering noodzakelijk zou zijn.

Ook in een zaak over het Eindhovens Dagblad werd een eis tot verwijdering niet toegewezen. Hoewel blokkade of verwijdering technisch gezien een kleine ingreep was, hoefde de krant daar geen gehoor aan te geven. Een beroep op het Zwartepoorte-vonnis, waarin een site wel een "kleine moeite" moest nemen om ongelukkige Google-zoekresultaten tegen te gaan, mocht niet baten.

Ook de Raad voor de Journalistiek vond opschonen van archieven niet nodig.

Mogelijkheid tot rectificatie

Er lijkt echter wel ruimte te zijn om een digitale rectificatie in de vorm van een melding bij het archiefbericht te kunnen eisen. In die zaak van het Eindhovens Dagblad werd bijvoorbeeld geoordeeld dat "het eerder op de weg van [eiseres] gelegen een aanvulling of rectificatie bij het artikel te laten plaatsen". De Raad voor de Journalistiek oordeelde in 2005 dat

Dat de internetsite een archieffunctie heeft, waardoor het bericht niet van de site kan worden gehaald, ontslaat verweerder niet van zijn verantwoordelijkheid om onjuiste berichtgeving te rectificeren. Een dergelijk bericht kan bijvoorbeeld worden aangevuld met een mededeling dat achteraf is gebleken dat het bericht feitelijk onjuist is.

Maar zo'n eis kan natuurlijk alleen worden ingesteld als het bericht om een of andere reden onrechtmatig is. In theorie zou de eis van afscherming voor zoekmachines ook haalbaar moeten zijn als het bericht op zichzelf juist is, maar daarover is nog nooit geprocedeerd.

Gerelateerde artikelen

Gespecialiseerd advies nodig?

Heeft u na het lezen van dit artikel nog vragen, of zit u met een juridisch probleem waar u advies over wilt? Neem dan contact op met ICT-jurist Arnoud Engelfriet, auteur van dit artikel.

© Arnoud Engelfriet. Dit werk mag vrij worden verspreid en gepubliceerd zoals bepaald in de licentievoorwaarden.

Laatste wijziging:
16 december 2016